Tagoror  

Encyclopedie




Viscositeit

Viscositeit of stroperigheid is een eigenschap van vloeistoffen die aangeeft hoe snel ze kunnen stromen. Het is een aspect van het vloeigedrag dat wordt bestudeerd in de rheologie.

Water is een voorbeeld van een vloeistof met een kleine viscositeit, glycerine is een voorbeeld van een vloeistof met een grote viscositeit.

De viscositeit van een vloeistof is sterk afhankelijk van de temperatuur: bij hogere temperaturen zijn veel vloeistoffen minder visceus dan bij lagere temperaturen.

Supervloeibaarheid

Vloeibaar helium verliest alle stroperigheid als het beneden een bepaalde temperatuur wordt afgekoeld. Deze "supervloeibare" fase heeft allerlei zeer bijzondere eigenschappen.

Meting van viscositeit

Twee methoden om viscositeit van vloeistoffen te meten worden veel gebruikt:

  1. Men laat in een viscometer een afgemeten hoeveelheid van de vloeistof door een capillair stromen, en meet de tijd die daarvoor nodig is. De resultaten worden vergeleken met een controlemeting aan een vloeistof met bekende viscositeit.
  2. In een torsiebalans meet men de uitslag van een binnencilinder terwijl men de buitencilinder met een vaste snelheid ronddraait. Tussen de twee cilinders wordt enkele druppels van de vloeistof gegoten.

Met de tweede methode kan ook de viscositeit worden vastgesteld als functie van de afschuifsnelheid: bij gewone vloeistoffen is de gemeten kracht recht evenredig met de snelheid: de viscositeit is niet afhankelijk van de snelheid. Voor sommige vloeistoffen neemt de viscositeit bij toenemende snelheid toe, voor andere vloeistoffen neemt hij af.



Tagoror Networks: Spain  |  Philippines  |  Mexico

Los documentos de esta enciclopedia on line se publican bajo la Licencia de Documentación Libre GNU

De tekst is beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen, er kunnen aanvullende voorwaarden van toepassing zijn.