Tagoror  

Encyclopedie




Verslavingszorg

Verslavingszorg is een op zichzelf staande tak binnen de gezondheidszorg waarin hulp geboden wordt aan cliënten die in de problemen zijn gekomen door drugs- en/of alcoholgebruikgebruik evenals medicijngebruik en gokken.

In Nederland zijn verschillende gespecialiseerde instellingen actief binnen de verslavingszorg zoals de Consultatiebureaus voor Alcohol en Drugs (CAD) en regionale instellingen als de Jellinek (Amsterdam en het Gooi), Centrum Maliebaan (provincie Utrecht), de Brijder Stichting (Haarlem en omgeving) e.a.

Daarnaast bestaan er klinieken die (onafhankelijk van een instelling) zorg en hulp bieden aan verslaafden. Deze klinieken bevinden zich in geheel Nederland en hebben veelal een religieuze of andere levensbeschouwelijke achtergrond.

Table of contents
1 Geschiedenis
2 Ontwikkelingen
3 Cijfers
4 Externe link

Geschiedenis

Aanvankelijk bestond de hulpverlening aan verslaafden vooral uit hulp bieden bij afkicken en het verstrekken van methadon aan heroïneverslaafden. Vanaf de jaren '90 van de twintigste eeuw werd de hulp verder geprofessionaliseerd. Deze professionalisering was nodig omdat inzichten in de verslavingsproblematiek veranderden, het drugsprobleem steeds groter werd - mede door de opkomst van 'nieuwe' middelen als cocaïne en amfetamine (speed) en doordat verslaafden in veel gevallen multidrugsgebruikers zijn en steeds vaker naast een verslavingsprobleem ook psychische problemen hebben, al dan niet veroorzaakt door het gebruik van drugs, alcohol of medicatie.

De verslavingszorg instellingen van tegenwoordig (2003) bieden een breed pakket aan verschillende vormen van hulpverlening. Naast de nog steeds bestaande methadonverstrekking en afkickklinieken wordt er psychosociale hulp aangeboden, zijn er dag- en deeltijdbehandelingen, wordt er hulp geboden op gebied van financiën en resocialisatie, zijn er activiteitenprogramma's voor verslaafden en zijn er klinieken waar verslaafden een zogenaamde time-out kunnen hebben om weer op krachten te komen. Daarnaast wordt aandacht gegeven aan preventie en voorlichting en wordt informatie gegeven aan partners en familieleden van verslaafden.

Ontwikkelingen

In de jaren '70 van de twintigste eeuw kwamen hulpverleners tot het besef dat het gebruik van heroïne voor grote problemen zorgt bij de verslaafden. Naast de verslaving zelf, was en is er bij de gebruikers sprake van ernstige zelfverwaarlozing en problemen op tal van leefgebieden waaronder het ontbreken van medische zorg, financiële problemen en op het gebied van huisvesting (dakloos). In de Verenigde Staten werd aan heroïneverslaafden methadon voorgeschreven, een opiaat bedoeld om af te kunnen kicken van heroïne. Vanaf eind jaren '70 werd ook in Nederland methadon verstrekt. Na verloop van tijd bleek dat methadon vooral gebruikt werd als onderhoudsdosering zodat de verslaafden geen afkickverschijnselen kregen. Er ontstond een illegaal circuit waarin methadon werd doorverkocht om op die manier aan geld te kunnen komen voor heroïne. Methadon wordt nog steeds verstrekt als onderhoudsdosering en tevens als middel om vanuit de hulpverlening contact te kunnen onderhouden met verslaafden. Als afkickmiddel is het slechts in sommige gevallen geschikt.

In de jaren '90 van de twintigste eeuw kwam het middel cocaïne sterk in opkomst, eerst in het zogenaamde yuppiecircuit. Al snel belande cocaïne op 'straat'.

Er kon goed aan worden verdiend en in tegenstelling tot heroïne heeft de gebruiker steeds vaker cocaïne nodig om zich 'goed te voelen'. Verslaafden begonnen beide drugs te gebruiken, soms ook nog in combinatie met pillen en alcohol.

Met de opkomst van cocaïne bleek ook dat verslaafden te maken kregen met psychische stoornissen veroorzaakt door het middel. Daarnaast werd bekend dat patiënten met bijvoorbeeld een borderline stoornis en ADHD of te maken hebben gehad met affectieve verwaarlozing in de jeugd, mishandeling en seksueel misbruik in sterke mate neiging hebben om verslaafd te worden aan drugs, alcohol of medicatie. De complexiteit van de problemen nam toe waardoor de verslavingszorg zich steeds meer ging specialiseren en professionaliseren. Verslaafden worden niet alleen als cliënten maar in veel gevallen ook als patiënten gezien. Het voorschrijven van heroïne onder medisch toezicht aan langdurige heroïneverslaafden aan sluit bij laatstgenoemde stelling aan. Eind jaren '90 van de twintigste eeuw besloot de overheid om aan een streng geselecteerde groep van verslaafden, heroïne te verstrekken. Wat als experimenteel onderzoek begon is nu een vast onderdeel van hulpverlening in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Groningen en Heerlen. Het onderzoek bracht naar voren dat bij de meeste verslaafden die heroïne op medisch voorschrift toegediend kregen de leefomstandigheden op lichamelijk, psychisch en sociaal gebied verbeterden.

Behandeling van cocaïneverslaafden is moeilijk. De drugs heeft sterke uitwerkingen op de psyche van de gebruiker en lijkt moeilijk te beïnvloeden. Het zijn vooral cocaïneverslaafden die voor problemen zorgen: criminaliteit, agressiviteit en psychische stoornissen die voor overlast zorgen.

Binnen de verslavingszorg wordt veel 'outreachend' gewerkt. Dat betekent dat hulpverleners niet meer wachten tot de verslaafde hulp zoekt, maar dat hulpverleners de straat op gaan om in contact te komen met verslaafden. Eén van de doelgroepen die men probeert te bereiken zijn alcoholisten, die vaak 'stille' drinkers zijn, goed verborgen voor hun sociale omgeving, maar wel te kampen hebben met grote problemen op tal van leefgebieden.

De tolerantie binnen de samenleving ten aanzien van drugsverslaafden is langzaam maar zeker afgenomen. De overlast welke junks, in het bijzonder in de grote steden, veroorzaken wordt door velen niet meer getolereerd. De verslavingszorg ondervindt dit vooral bij de weerstand die geboden wordt in wijken waar opvangcentra, hostels en gebruikersruimten zijn of gepland zijn. Daarnaast speelt de zorg in op de ontwikkeling binnen de samenleving door samen te werken met politie en justitie om verslaafde criminele veelplegers onder drang een hulpverleningstraject aan te bieden (verslavingsreclassering). Ook is er dwanghulpverlening waarin criminele verslaafden gedwongen worden af te kicken (Strafrechtelijke Opvang Verslaafden - SOV).

Binnen de verslavingszorg zijn maatschappelijk werkers, psychiaters en psychologen, artsen, verpleegkundigen, reclasseringsmedewerkers en vele andere hulpverleners werkzaam.

Cijfers

Hoewel Nederland de naam heeft een tolerant land te zijn ten aanzien van drugs, is het drugsprobleem minder groot dan in andere landen. Nederland telt in 2002 ongeveer 2,5 verslaafden (drugs, alcohol, medicatie, gokken) per 1000 inwoners. België telt 3 verslaafden per 1000 inwoners, Frankrijk 3,9; Spanje 4,9; Italië 6,4 en Luxemburg telt 7,2 verslaafden per 1000 inwoners. Verder zijn er in Nederland ongeveer 30.000 harddrugsverslaafden (heroïne en/of cocaïne), hebben 800.000 mensen een probleem met alcoholgebruik of zijn er aan verslaafd en ongeveer 600.000 Nederlanders gebruiken chronisch slaap- en/of kalmeringsmiddelen.

Vooral alcoholisten en medicatiegebruikers komen nauwelijks in aanraking met de verslavingszorg. Hun verslaving speelt zich in het verborgene af. (cijfers 2002; Trimbos Instituut).

Externe link

Meer informatie over drugs, verslaving en hulpverlenende instanties:
http://www.trimbos.nl



Tagoror Networks: Spain  |  Philippines  |  Mexico

Los documentos de esta enciclopedia on line se publican bajo la Licencia de Documentación Libre GNU

De tekst is beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen, er kunnen aanvullende voorwaarden van toepassing zijn.