Venlo is een stad (hanzestad) en gemeente in de Nederlandse provincie Limburg met 91.804 inwoners (1-1-2003, bron: CBS). Venlo is op 1 januari 2001 uitgebreid met de gemeenten Tegelen en Belfeld en bestaat sindsdien uit de steden Venlo en Tegelen en de dorpen Belfeld, Blerick, Boekend, Hout-Blerick en Steijl.
Door de samenvoeging zijn grote cultuurverschillen onder een bestuurlijke kap samengebracht. Tegelen was van oorsprong onderdeel van het hertogdom Gulik terwijl Venlo een Gelders verleden heeft. De Venlose taal behoort tot de Brabantse dialecten, terwijl het Tegels het noordelijkste Limburgse dialect is (vgl. 'mooi': 'schoën' in het Venloos en 'sjoën' in het Tegels).
De stad Venlo was een belangrijke handelsplaats aan de Maas, die behoorde tot het Gelderse Overkwartier en die lid was van de Hanze. Het hertogdom Gelre kwam in 1543 bij het Tractaat van Venlo in handen van keizer Karel V, die het met de rest van zijn Nederlandse bezittingen verenigde. Vanaf 1590 was Gelre gesplitst in een noordelijk en een zuidelijk deel en behoorde het zuidelijke, het Overkwartier, tot de Zuidelijke Nederlanden. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd geregeld slag geleverd om de stad en de Vrede van Münster wees in 1648 het Overkwartier en daarmee Venlo toe aan Spanje.
Venlo bleef Spaans tot de Spaanse Successieoorlog in 1715 leidde tot het Barrièretractaat, waarbij het Overkwartier werd opgedeeld tussen Pruisen, Oostenrijk en de Nederlandse republiek. De stad werd onderdeel van het generaliteitsland Staats-Oppergelre.
Heel Staats-Oppergelre werd in 1785 door de Fransen veroverd. Na hun vertrek ging Venlo tot de nieuwgevormde provincie Limburg behoren, die aanvankelijk deel bleef uitmaken van de zuidelijke Nederlanden, totdat Limburg in 1839 gesplitst werd en Venlo definitief Nederlands werd. Anders dan de rest van Limburg werd Venlo (evenals Maastricht) geen lid van de Duitse bond.
Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog leed Venlo zeer veel schade. Na hevige bombardementen wordt de stad op 1 maart 1945 bevrijd.
Venlo's voornaamste monument is het stadhuis aan de sfeervolle Markt.
Bekende Venlose bedrijven zijn printergigant Océ, vervoersbedrijf Frans Maas en gereedschap-detailhandel Praxis (onderdeel van Vendex KBB). Vooral in de vervoersbranche werd Venlo aan het begin van de twintigste eeuw groot, door een strategische ligging aan de grens op een kruising van de Maas en het spoor. De grootste bedrijven-terreinen zijn gelegen aan de snelwegen A73 en A67 (Knooppunt Zaarderheiken). Er is een goede verbinding met de Duitse autosnelweg A61. De Maas wordt tegenwoordig in mindere mate gebruikt als vervoersinfrastructuur.
In de binnenstad wordt veel verdiend aan Duitsers die Venlo bezoeken. In bepaalde winkels wordt men vaak eerst in het Duits aangesproken, alvorens op het Nederlands of dialect over te gaan. Ook de prijzen stonden bij deze winkels tot voor de invoering van de euro vermeld in Duitse Mark. Vooral groente en fruit zijn geliefd bij de Duitse bezoekers. Opmerkelijk is dat het Venlose dialect ook wordt gesproken in het Duitse gebied tot kilometers over de grens.
Beroemde Venlonaren: