De Trojaanse Oorlog
Hoewel het onomstotelijk kwam vast te staan dat de stad Troje echt bestaan had, riep de opgraving ook grote vragen op. Er werd namelijk niet één stad gevonden maar een heel stel steden boven op elkaar. Troje wordt verdeeld in 10 lagen, die elk zelf in nog weer meer bouwperiodes worden verdeeld. De oudste is van het 3e millennium v. Chr, de jongste uit de Byzantijnse tijd. De stad was dus meerdere malen verwoest en vervolgens op de puinhopen van de vorige weer opgebouwd. Vandaag vermoeden de meeste wetenschappers dat Troje VIIa het Troje van de Ilias voorstelt. De sporen van de verwoesting van Troje VIIa zijn consistent met wat men bij een inname na belegering zou verwachten, en de tijd (ca. 1180 v. Chr) komt overeen met de traditionele datum van de Trojaanse Oorlog. Wel is een probleem dat volgens de traditie Mycene de leidende rol had in de Trojaanse Oorlog, maar deze stad werd enige tijd vóór Troje VIIa verwoest. Een niet onwaarschijnlijke theorie is dat deze oorlog een onderdeel was van de brandkatastrofe die het hele oostelijke bekken van de Middellandse Zee overspoelde in de eerste decennia van de 12e eeuw v. Chr
Geschiedenis
De geschiedenis van Troje wordt uitvoeriger behandeld in de artikelen Troje I-III, Troje IV-V, Troje VI-VII en Ilion. Als we de verschillende lagen waarin resten van de stad liggen de revue laten passeren, zien we: Troje I-III
- Troje I - ca. 2920-2480/20. Eerste nederzetting, uit de vroege bronstijd.
- Troje II - ca. 2600-2480/20. Een welvarend paleis- of tempelcomplex, dat het hoogste deel van de stad innam.
- Troje III - ca. 2480/20-2300. Het paleis- of tempelcomplex wordt niet weer opgebouwd, en in plaats daarvan ontstaan meer woonhuizen.
Troje IV-V
- Troje IV - ca. 2200-1900. Minder welvarende tijd.
- Troje V - ca. 1900-1750. Wederopbloei van Troje.
Troje VI-VII
- Troje VI - ca. 1700-1250/30. Een grote en machtige stad, met een imposante burcht op de top van de heuvel.
- Troje VIIa - ca. 1250/30-1180. Waarschijnlijk het Troje van de Trojaanse Oorlog.
- Troje VIIb - ca. 1180-na 1000. Troje blijft een handelscentrum, maar niet zo welvarend als ten tijde van Troje VI.
Troje VIII-X
- Troje VIII - ca. 700-85 v. Chr. Griekse stad, aanvankelijk minder belangrijk, maar kwam in de Hellenistische tijd tot grote bloei.
- Troje IX - 85 v. Chr.-ca. 500 n. Chr. Een Romeinse stad, als eerbewijs aan Aeneas, van wie de Romeinen zouden afstammen. Welvarend door bezoeken en giften van keizers en rijke Romeinen.
- Troje X - 12e-13e eeuw. Bescheiden nederzetting in de Byzantijnse tijd.
Vanaf de 14e eeuw was Troje verlaten totdat het door Calvert en Schliemann werd teruggevonden. Schrift
In 1995 werd voor het eerst een geschreven bron uit het Troje van de Bronstijd (Troje I-VII) gevonden, een zegel van een schrijver uit Troje VIIb (einde 12e eeuw v. Chr.) Het is geschreven in het Luwisch, een Indo-Europese, sterk aan het Hethitisch verwante taal, bekend uit zuidwest- en west-Anatolië. Ook andere aspecten van Troje laten een sterke Anatlische/Hethitische invloed zien, meer dan een (hoewel zeker ook aanwezige) Myceense.