Het eiland Texel is het grootste van de Nederlandse waddeneilanden. De naam wordt door de bewoners uitgesproken als Tessel; de bewoners zelf heten in het oud-Texelse dialect Tesselaars. Het eiland vormt een gemeente, onderdeel van de provincie Noord-Holland. De oppervlakte is 585,96 km2 waarvan 416,14 km2 binnen- en buitenwater. De gemiddelde lengte van Texel is 20 km, de gemiddelde breedte 8 km.
In 1415 heeft Texel (het gehele eiland) stadsrechten gekregen. Daarmee is het eiland, althans qua oppervlak, de grootste stad van Nederland.
Texel heeft 13.740 inwoners (1 januari 2003). Woonplaatsen/woonkernen zijn Den Burg (hoofdplaats), De Cocksdorp, Oudeschild, Oosterend, De Koog, Den Hoorn en De Waal. Van de beroepsbevolking van ruim 3500 mensen werkt ca. 17% in de landbouw. De eerste inwoners van Texel dateren mogelijk uit de Midden-Steentijd (8000-4500 v. Chr); archeologen hebben daarvoor aanwijzingen gevonden.
Texel en Eierland
Het huidige eiland Texel bestaat eigenlijk uit twee eilanden: het zuidelijke Texel en het noordelijker gelegen Eierland. In 1630 werd de Zanddijk voltooid die beide waddeneilanden met elkaar verbond. In 1835 richte de uit Antwerpen afkomstige Nicolas Joseph De Cock een NV op die de kwelder tussen Eierland en Texel zou inpolderen voor agrarisch gebruik. In de nieuw aangelegde polder Eierland werd in 1835 tevens een dorp gesticht dat aanvankelijk Nieuwdorp heette, maar dat later naar hem genoemd werd: De Cocksdorp.
Scheepvaart
In de tijd van de VOC (17e en 18e eeuw) vertrokken de schepen uit Amsterdam en Enkhuizen en Hoorn vanaf de rede van Texel naar de Oriënt. Dit bracht veel werkgelegenheid op het eiland. Zo waren er bijvoorbeeld veel loodsen nodig om de schepen veilig door het Moddergat langs de zuidpunt te leiden. De rol van werkverschaffer werd later overgenomen door de walvisvaart. Ook de visvangst was een belangrijke bron van inkomsten. De haven van Oudeschild was het centrum van al deze activiteiten. Tegenwoordig herbergt Oudeschild een vloot van ongeveer 30 Noordzeekotters en enkele kleinere kotters voor de garnalenvisserij op de Waddenzee. Daarnaast heeft het plaatsje een moderne jachthaven.
Landschap
Het landschap op Texel is rijk en divers. Texel heeft behalve polders, brede zandstranden, duinen en graslanden ook heide, bos en kwelders. Rond Den Hoorn in het zuiden bloeien in mei grote bollenvelden. Nationaal Park Duinen van Texel beheert de zuidpunt van Texel, het gebied De Duinen tussen Den Hoorn en De Koog, De Dennen, De Slufter en De Muy.
De harde kern van het eiland wordt gevormd door de Hoge Berg die ligt tussen Oudeschild en Den Burg. Het is een morene ontstaan in het het Drenthestadium van het Saalien/Riss (de op een na laatste ijstijd). Het hoogste punt ligt op 15 meter boven NAP. Ondanks de bescheiden hoogte kan men van hier af het hele eiland overzien. Keileem komt hier dicht aan de oppervlakte. Dit vormt een harde, voor water ondoordringbare laag. Rond de percelen liggen zogenaamde tuunwallen. Dat zijn walletjes die uit plaggen zijn opgebouwd. Deze tuunwallen vormen samen met de glooiingen van het gebied een door velen gewaardeerd landschap. Het gebied is dan ook een landschapreservaat. Op een helling van de Hoge Berg liggen ook het Doolhof, een bosje uit 1764, en de Zandkuil, Nederlands eerste insectenreservaat.
Een natuurlijk fenomeen is De Slufter, een gebied binnen de brede duinketen aan de noord-westkand van het eiland, vol kreken en geulen, dat in open verbinding staat met de Noordzee. Het is ontstaan door een duindoorbraak in 1858. Bij vloed loopt een deel van De Slufter onder water en bij eb loopt het water door de geulen weer terug naar zee. Daardoor is slibvorming en verzilting ontstaan en moest de vegetatie zich aanpassen. De Slufter is van de Eijerlandse polder gescheiden door de Zanddijk.
Het buitendijkse natuurgebied de Schorren ligt bij het wantij.
Eijerland was ooit een eilandje ten noorden van Texel. Het werd toen Yerland genoemd. Door menselijk ingrijpen, het plaatsen van zandvasthoudende beplanting (o.a. helmgras) en beschutting werden strand en duinen aan de noord-westkant van Texel verbreed. Men begon daarmee in 1629. Tenslotte kon een zanddijk worden aangelegd, die de twee eilanden met elkaar zou verbinden. In 1846 werd de polder De Eendracht drooggelegd, in 1847 de Prins Hendrik polder en in 1876 de polder Het Noorden.
Voortdurend moet strijd worden geleverd tegen de kracht van zee en wind. Bij zware storm kunnen tientallen of zelfs honderden meters duin worden weggeslagen. In 1864 was in het noorden bij De Cocksdorp een vuurtoren geplaatst, op ongeveer 3 km van de zee. Nu staat de zee vlak onder de toren, die door een asfalthelling en verschillende aangelegde zeeweringen wordt beschermd. Het strand is zich nu langzamerhand weer aan het verbreden. Ook in het zuidwesten slibt voordurend materiaal aan. Aan de oostkant van Texel loopt een dijk die het eiland beschermt tegen de Waddenzee.
Flora en fauna
Texel is een geliefd oord voor vogelliefhebbers. Op sommige dagen kan een ervaren vogelaar wel honderd verschillende soorten waarnemen. Er broeden in het voorjaar vooral in de duingebieden ongeveer 80 verschillende vogelsoorten, maar in totaal zijn zo'n 300 soorten op Texel waargenomen. De Muy, een duingebied tussen De Koog en De Slufter is een beschermd gebied; het is de broedplaats van de oudste Lepelaarkolonie van Nederland. Andere opvallende vogelsoorten op Texel zijn de Dwergstern en de Velduil. De Zilvermeeuw komt er in grote aantallen voor.
De vegetatie is rijk en gevarieerd. De fauna minder, vanwege de geïsoleerde ligging van het eiland. Toch leven er nog hermelijnen, bruine ratten, 5 muizensoorten, konijnen, hazen, kleine amfibieën als kikkers (Bruine Kikker en Heikikker), Rugstreeppadden en watersalamanders. Vlinders op Texel: o.a. de Atalanta, Distelvlinder, St. Jacobsvlinder, Duinparelmoervlinder en, sinds 1995, het Groentje. Duizenden insectensoorten zijn op het eiland waargenomen.
Het hele duingebied van Texel, van de Hors tot aan de vuurtoren vormt het Nationaal Park Duinen van Texel.
Activiteiten
Landbouw en veeteelt: er worden duizenden schapen en koeien op het eiland gehouden. De Tesselaar is een Texels schapenras. Er worden aardappelen, suikerbieten, granen verbouwd en bloembollen geteelt. Vanuit Den Helder wordt een geregelde veerdienst met het eiland onderhouden door de TESO (Texels Eigen Stoomboot Onderneming) die grotendeels eigendom is van de eilandbewoners. De Teso is een Naamloze vennootschap en er zijn sinds de oprichting nooit nieuwe aandelen uitgegeven. Om aandelen zoveel mogelijk in handen van Texelaars te houden, wordt er geen dividend uitgekeerd, maar kunnen de aandeelhouders een aantal gratis overtochten maken.
Folklore
Texel heeft diverse folkloristische gebruiken. Op 12 december wordt Oude Sunderklaas gevierd. Dit is een restant van het Sinterklaasfeest zoals dat werd gevierd voordat het in de 19e eeuw werd verburgerlijkt. In Den Burg is er een optocht van mensen die 'speulen.' Speulen wil zeggen dat een bepaald plaatselijk nieuwsfeit van het afgelopen jaar wordt nagespeeld en in een bepaald daglicht gesteld. Dat speulen gebeurt gemaskerd, zodat de speulers niet te herkennen zijn. De hele nacht wordt er verder gefeest waarbij er veel drank vloeit. Op 30 april wordt de meierblis aangestoken. Dat zijn grote vuren van afval- en snoeihout. Deze vuren worden aan het begin van de avond aangestoken. Sommigen poffen in dit vuur hun aardappels. Ook raakt het gebruik meer in zwang om de gezichten zwart te maken met het as. Volgens folkloristische deskundigen is de meierblis een restant van een Germaans gebruik om met vuren de geesten van de winter te verdrijven. in 2003 waren er ongeveer 110 meierblissen op Texel.
Verder zijn er ook de vertellingen van Sommeltjes die bij De Waal zouden wonen.
Musea en andere bezienswaardigheden
- Het Luchtvaartmuseum - Eijerland, bij het vliegveld
- Het Agrarisch- en Wagenmuseum
- Ecomare (zeehondenopvangcentrum) - bij De Koog
- Oudheidskamer - Den Burg
- Martiem- en Juttersmuseum - Oudeschild
- Overblijfselen van middeleeuwse en Napoleontische forten bij Oudeschild
- De Georgische begraafplaats, die herinnert aan de Opstand der Georgiërs op 5/6 april 1945.
- Het Jac. P. Thijssemonument in de vijver aan de Elemert in Den Burg
Bekende Texelaars
Externe links