Supergeleiding is ontdekt door Heike Kamerlingh Onnes in Leiden bij zijn baanbrekend werk aan extreem lage temperaturen. Wanneer een materiaal supergeleidend wordt verliest het alle weerstand voor de elektrische stroom. Dat wil zeggen dat als een stroom op gang gebracht wordt in een gesloten kring die bestaat uit een supergeleidend materiaal dat deze stroom ook zonder aangelegde elektrische spanning zal blijven rondlopen. Omdat een kringstroom een magnetisch veld opwekt kan men op deze manier dus permanent magnetisch veld opwekken. Supergeleidende magneten vinden al veel toepassing, maar er zijn een aantal grote beperkingen aan hun gebruik. Supergeleiding treedt namelijk in de meeste materialen slechts bij bijzonder lage temperaturen op (Zie Temperatuur 0-50K, 50-100K).
Er zijn sinds een aantal jaren een aantal cupraten (verbindingen met CunOm waarbij die temperaturen tot 135K kunnen oplopen maar zij hebben weer andere nadelen. Het zijn keramische meterialen die zich moeilijk tot een draad laten vormen en zij verdragen vaak niet zulke hoge stromen (lees: velden)