Spelregels
De ballen worden voor de start van het spel volgens een bepaald patroon geplaatst, er zijn hiervoor markeringen aangebracht op het tafelblad. Bovenaan de tafel ligt de zwarte bal, hieronder in een driehoek 15 rode ballen met hier vlakvoor eveneens de roze bal, in het midden van de tafel ligt de blauwe bal en onderaan op de dwarslijn bevinden zich de groene, bruine en gele bal (zie ook de afbeelding). De cueball mag bij de start van een nieuw spel ergens in de halve cirkel onder de dwarslijn worden geplaatst. Met de cueball moeten de ballen in een bepaalde volgorde in de pockets worden gespeeld. Iedere speler moet steeds eerst starten met een rode bal te potten, daarna is hij verplicht een niet rode bal te spelen (over het algemeen worden dit de gekleurde ballen genoemd). Kan de speler ook deze bal potten dan dient hij terug een rode bal te spelen. De weggespeelde gekleurde ballen dienen terug op de voorgeschreven plaats op de speeltafel geplaatst te worden, de rode ballen blijven uit het spel.
Als de laatste rode bal is gepot, mag de speler voor de laatste maal kiezen welke gekleurde bal hij wenst te spelen. Indien hij deze pot dan wordt deze terug op tafel geplaatst. Nu er nog enkel gekleurde ballen op tafel liggen dienen deze volgens een bepaalde volgorde te worden weggespeeld, startende met de gele (2 punten) en eindigend met de zwarte (7 punten).
....
Fouten - Als een speler bij toeval de cueball wegspeeld dan krijgt zijn tegenstander 4 punten.
- Als een speler bij het spelen naar een rode bal geen bal raakt dan krijgt de tegenspeler 4 punten, raakt hij echter een gekleurde bal (niet rood) dan krijgt de tegenspeler de waarde van deze bal, maar toch minstens 4 punten.
- Als een speler bij het spelen naar een gekleurde bal deze niet raakt dan krijgt de tegenspeler de waarde van deze bal, maar toch minstens 4 punten.