Ontlasting is de naam voor de onverteerbare resten van het dieet die met geregelde tussenpozen uit de darm naar de buitenwereld worden verwijderd (defecatie). Vrijwel alle dieren met een darmstelsel produceren ontlasting. Bij zoogdieren en bij de mens bestaat de ontlasting naast onverteerbare voedselresten grotendeels uit bacteriën, afgeschilferde darmwandcellen (tot 10 gram per dag) en uit enkele stoffen die door de het lichaam in de darm worden afgescheiden, zoals galkleurstoffen: zonder deze kleurstoffen zou ontlasting zelfs grijswit van kleur zijn. Indien door een chirurgische ingreep of een congenitale anomalie er geen endeldarm en voldoende lange dikke darm aanwezig is, wordt de ontlasting via een stoma uit het lichaam gedreven. Dit is een kunstmatige opening ter hoogte van de buikwand waar de darm rechtstreeks uitmondt. De stoelgang wordt dan in een speciaal zakje opgevangen dat rond dit stoma wordt gekleefd.
De ontlasting dient beschreven te worden op volgende kenmerken:
- geur
- kleverigheid (plakt de stoelgang aan de toiletwand)
- vettigheid (drijft de stoelgang in het water)
- hoeveelheid
- consistentie (hard, zacht, waterig)
- kleur (wit, geel, groen, bruin, zwart)
- frequentie
- aanwezigheid van parasieten (wormen, larven, eitjes)
- aanwezigheid van bloed
- aanwezigheid van slijm
Vooral bij baby's is het van groot belang de ontlasting goed te controleren, omdat het veel vertelt over de gezondheidstoestand van het kind. Een pasgeboren baby zal stoelgang maken zonder dat het gegeten heeft. Deze eerste ontlasting wordt meconium genoemd, is zwart en kleverig. Indien deze meconium niet aanwezig is in de eerste 24 tot 48 uur na de geboorte, moet men een anusatresie of een meconiumileus vermoeden. Beiden zijn een urgentie. Omdat bij een baby de spijsvertering nog niet optimaal verloopt, vindt men veel onverteerde voedingsstoffen terug in de ontlasting. Wanneer de baby spinazie eet, ziet de ontlasting groen. Eet het tomaten, dan ziet de ontlasting rood. Dit is een normaal verschijnsel.
De ontlasting is even warm als de lichaamstemperatuur. Als men wil weten of een olifant koorts heeft, stopt men een thermometer in de ontlasting van het dier. Natuurlijk wordt de thermometer eerst ontsmet alvorens iemand anders hem onder de tong krijgt. Een andere plek om de lichaamstemperatuur te meten is het oor.
Zie ook diarree, defecatie