Het recht op loon
De werknemer heeft recht op loon zoals dat in zijn arbeidsovereenkomst (of eventueel de toepasselijke CAO) vastgelegd is. Zoals gezegd is loon de tegenprestatie voor de door de werknemer verrichtte arbeid. Dit betekent dat in beginsel geen loon verschuldigd is wanneer de werknemer de arbeid niet verricht. Dit is men name van toepassing wanneer het gaat om loon in geld. Loon dat bestaat in het gebruik van een (dienst)woning of auto zal veelal ook verschuldigd zijn als de werknemer niet werkt.
In een aantal gevallen is de werkgever toch loon (in geld) verschuldigd, ook al werkt de werknemer niet. Dat is met name het geval wanneer de werknemer vakantiedagen opneemt of (gedurende een bepaalde periode) ziek is. Ook als de werknemer niet kan werken door een omstandigheid die in de risicosfeer van de werkgever ligt, zal het loon in het algemeen doorbetaald moeten worden. De werknemer moet dan wel bereid zijn te werken.
Een 'gewone' staking (dat wil zeggen, een georganiseerde staking als middel om kracht bij te zetten aan de wensen van de werknemers met betrekking tot lonen en andere arbeidsvoorwaarden) ligt in de risicosfeer van de werknemer. Dat betekent dat de werkgever niet het loon hoeft door te betalen. Let wel: de werkgever hoeft geen loon door te betalen aan de stakers, maar ook niet aan de werkwillige werknemers!
In de Wet Arbeid en Zorg wordt een aantal verlofsoorten aangegeven waar de werknemer recht op heeft, en waarbij de werkgever verplicht is het loon door te betalen. Zie bijvoorbeeld het artikel over calamiteitenverlof.
Als een werknemer het werk slecht verricht is de werkgever toch het volledige loon verschuldigd.
Bronnen
- Van der Grinten, prof. mr. W.C.L., Arbeidsovereenkomstenrecht, 18e druk