Klaverjassen is een kaartspel dat gepeeld wordt door vier personen in twee paren. Er bestaat overigens ook een variant die gespeeld wordt door twee personen. Alleen de kaarten van de 7 en hoger worden gebruikt. De kaarten worden verdeeld, iedere speler ontvangt er 8, meestal wordt er 3-2-3 gedeeld of anders 4-4 (Niet één voor één).
Klaverjassen wordt in huiselijke kring voornamelijk in twee varianten gespeeld: Amsterdams (waar de officiële internationale wedstrijdregelementen van af zijn geleid) en Rotterdams (de meest gespeelde)
Er wordt een troefkleur bepaald. De eerste troefkleur is altijd klaveren. De bieding is ofwel pas of speel.
Wanneer er rondgepast wordt, of in een latere ronde worden ofwel de niet gebruikte kaarten gedraaid of moet een speler een troefkleur noemen.
De kaarten hebben een puntenwaarde, die meteen ook de relatieve hoogte van de kaart bepaalt
Voor troef: B(20),9(14),A(11),10(10),H(4),V(3),8(-),7(-)
De troef negen heet de nel. Vroeger werd ook de term 'jas' voor de troef boer gebruikt. Vandaar de term "klaverjassen", de hoogste kaart in de eerste ronde van het spel.
Andere kleuren : A(11),10(10),H(4),V(3),B(2),9(-),8(-),7(-)
De kaarten worden in slagen uitgespeeld, te beginnen met de speler links van de gever, en met de klok mee. Wie de slag wint, mag met de eerste kaart van de volgende slag uitkomen. Er moet (zo mogelijk) gevolgd worden, anders moet er (zo mogelijk) getroefd worden. Wanneer er in troef uitgekomen wordt, moet men (zo mogelijk) een hogere troef spelen dan er op tafel ligt. (Bij Rotterdams Klaverjas hoeft men een maatslag (een slag die al aan de partner ligt) niet in te troeven. (Of was dat juist Amsterdams?)
In totaal zijn er 162 punten in het spel omdat de laatste slag een bonus van tien punten oplevert. Het spelende paar moet meer dan 81 punten daarvan behalen (of meer dan de helft als er roem valt, zie verderop) anders zijn ze nat en gaan alle punten naar de tegenpartij. Indien alle slagen bij het spelende paar belanden heet dat een doormars (of pit) en is er een bonus van 100 punten.
Het spel wordt meestal met roem op tafel gespeeld. Een driekaart levert 20 punten op een vierkaart 50 punten. Daarbij geldt de standaardvolgorde AHVB10987 De kombinatie HV van troef heet stuk en levert 20 punten extra op. Vier azen, heren of vrouwen levert 100 roem op en vier boeren 200. De roem telt mee als het er om gaat te bepalen of het spelende paar nat is. Zij moeten namelijk meer dan de helft van de totale puntenopbrengst van het spel zien te veroveren.