Tagoror  

Encyclopedie




Kinkhoest

Kinkhoest of pertussis is een infectieziekte van de luchtwegen die wordt veroorzaakt door een bacterie, Bordetella pertussis (bacil van Bordet-Gengou), die vooral wordt overgebracht door de druppeltjes die bij hoesten ontstaan. Kinkhoest is zeer besmettelijk.

Table of contents
1 Symptomen en beloop
2 Mogelijke complicaties
3 Epidemiologie van kinkhoest in Nederland
4 Behandeling
5 Preventie: vaccinatie
6 noten
7 Externe links

Symptomen en beloop

Aanvankelijk is een kinkhoestbesmetting niet te onderscheiden van een verkoudheid of griepje: men voelt zich snotterig, en heeft een klein kuchje; na enige weken onstaan echter de typische, zeer langdurige en hevige hoestbuien waarbij de patiënt tot stikkens toe leeghoest en dan met een gierende ademhaling weer lucht schept. (Dit is de 'whoop' uit het Engelse whooping cough). Vaak braakt een patiënt ook na zo'n hoestbui. In de meeste gevallen bijft het hierbij en minderen de hoestbuien in de loop der tijd (enige weken tot maanden) tot ze helemaal wegblijven en de patient weer genezen is. Het doormaken van kinkhoest geeft een vrij goede maar geen volledige immuniteit tegen volgende besmettingen.

Mogelijke complicaties

Het braken kan in ernstige gevallen tot ondervoeding leiden. De hoestbuien kunnen de patient sterk uitputten. De persoon met kinkhoest kan het zeer benauwd hebben en denken te gaan stikken. Het hoesten kan door mechanische irritatie van het kwetsbare slijmvlies van de luchtwegen wel eens gepaard gaan met het ophoesten van bloed. Dit komt maar zelden voor. Bovendien kunnen de longen door het langdurig en geforceerd hoesten blijvende schade oplopen of kan een longontsteking als complicatie onstaan. Kinkhoest gaat soms gepaard met middenoorontstekingen. De ziekte kan dodelijk verlopen, vooral bij jonge zuigelingen. Indien volwassenen langer dan 2 weken ernstig hoesten dient er rekening te worden gehouden met kinkhoest. De kans hierop is echter nog steeds bijzonder klein. Een volwassene die met een onschuldige hoest naar de huisarts gaat heeft 50% kans dat de hoest na 4 weken nog niet over is, of hij nu wel of niet wordt behandeld met antibiotica. Dat zal bovendien vrijwel nooit op kinkhoest berusten.

Voorts kan de ziekte leiden tot blijvende handicaps. Door het zich buiten adem hoesten lopen kinderen blauw aan en raken totaal uitgeput. Zuurstofgebrek en bloedingen kunnen dan ook onherstelbare schade aan de hersenen aanbrengen. Heel jonge zuigelingen hebben soms kinkhoest zonder hoestbuien. Zij kunnen vooral last hebben van ademstops (apneu) en kunnen daardoor overlijden.

Epidemiologie van kinkhoest in Nederland

Hoewel ernstige gevolgen dus wel kunnen voorkomen moet de kans hierop ook weer niet worden overschat. In de jaren 1996 t/m 1999 overleden in Nederland in totaal 8 kinderen aan kinkhoest1, gemiddeld 2 per jaar. Vrijwel alle sterfte vond plaats bij kinderen jonger dan een jaar. In die zelfde periode werden er per jaar enige duizenden (tussen de vier en tienduizend) ontdekte gevallen gemeld.

Behandeling

De bacterie kan worden bestreden met antibiotica, maar op het moment dat de typische hoestbuien gaan optreden leidt een dergelijke behandeling niet meer tot verkorting van de ziekteduur. Wel kunnen kwetsbare personen in een huishouden waar een geval van kinkhoest is ontdekt nog preventief worden behandeld met erythromycine. Het gaat dan vooral om zuigelingen die nog niet volledig gevaccineerd zijn. Het belangrijkste punt van aandacht bij ontdekking van een geval van kinkhoest is dan ook of er zeer jonge, niet of ongevolledig gevaccineerde kinderen blootgesteld kunnen zijn; die moeten dan volgens het Nederlands kinkhoestprotocol liefst preventief worden behandeld en hun vaccinatieserie (eventueel versneld) afmaken. De ziekte is in Nederland aangifteplichtig.

Preventie: vaccinatie

Kinkhoest maakt in Nederland deel uit van het rijksvaccinatieprogramma. Vóór de invoering van dit programma stierven in Nederland per jaar circa 150 kinderen aan de ziekte, bijvoorbeeld in 1940. Wereldwijd ligt het sterftecijfer volgens de WHO rond 2004 nog steeds tussen de 200.000 - 300.000 personen per jaar. Het gaat dan om kinderen jonger dan vijf jaar die niet zijn ingeënt.

Omdat de bacterie waartegen wordt ingeënt niet meer identiek is aan de bacterie die de meeste besmettingen veroorzaakt, komen betrekkelijk veel gevallen toch bij gevaccineerde personen voor. De ziekte verloopt dan wel duidelijk milder. De bijwerkingen die kunnen optreden leiden echter niet tot blijvende lichamelijke of geestelijke invaliditeit. Vaccinatie (in het DKTP-vaccin geeft een bescherming van ongeveer 90% gedurende een aantal jaren. Vanaf 1 juli 2001 krijgen vierjarigen in Nederland een extra inenting tegen kinkhoest, in verband met deze afgenomen effectiviteit. De inenting geldt voor kinderen die zijn geboren vanaf 1 januari 1998.

In het recente verleden heeft een toenemend aantal ouders hun kinderen niet laten inenten tegen kinkhoest omdat het vaccin wel eens aanleiding gaf tot vrij hevige koortsreacties, koortsstuipen en andere ziekteverschijnselen. Door het onmiddelijk toenemen van het aantal gevallen in de jaren daarna, waarvan sommige met dodelijke afloop, is gebleken dat dit toch af te raden is. Er is inmiddels wel een zgn. acellulair kinkhoestvaccin beschikbaar, dat de genoemde nadelen veel minder heeft. Hiermee wordt echter momenteel (2004) in het kader van het rijksvaccinatieprogramma nog niet ingeënt, ook omdat het duurder is. De verantwoordelijke Nederlandse minister heeft echter toegezegd deze mogelijkheid te zullen onderzoeken. Enten met het 'oude' vaccin blijft echter nog steeds te verkiezen boven niet enten !

noten

1) Greeff SC de ; Melker HE de ; Schellekes JFP ; Conyn-van Spaendonk MAE, Kinkhoest: een beschrijving en evaluatie op basis van surveillance gegevens in 1999 en 2000. RIVM rapport nr. 128507009

Externe links

Nederlands kinkhoestprotocol


Bron: Een eerste versie van de tekst op deze pagina was afkomstig van de website van Postbus 51




Tagoror Networks: Spain  |  Philippines  |  Mexico

Los documentos de esta enciclopedia on line se publican bajo la Licencia de Documentación Libre GNU

De tekst is beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen, er kunnen aanvullende voorwaarden van toepassing zijn.