Käthe Kollwitz (8 juli 1867, Koningsbergen - 22 april 1945 Moritzburg) was een grafisch kunstenares. ZIj was gehuwd met de arts Karl Kollwitz, overleden op 19 juli 1940. In haar talrijke tekeningen, etsen, lithografieën en houtsneden bereikte zij de hoogste graad van haar artistiek vermogen. Daarnaast bestaan van haar hand ook enkele genreschilderijen in olieverf, die evenwel alle uit het begin van haar loopbaan zijn en ver beneden het peil van haar overige werk blijven. Pas omstreeks haar vijfenveertigste begon zij te beeldhouwen.
Reeds vroeg openbaarde zich Käthes tekentalent en het eerste onderricht in die richting kreeg zij op veertienjarige leeftijd, in haar geboortestad, van de kopergraveur Rudolf Mauer.
Na haar opleiding bij Mauer ging zij voor een jaar naar Berlijn (1884-1885) om er lessen te volgen in de school van Karl Stauffer-Bern. Terug in Koningsbergen zette Käthe haar studies voort, onder leiding van Emil Neide.
In 1888-1889 verbleef zij te München, waar zij de school van Ludwig Herterich bezocht.
Tot tweemaal toe was ze in Parijs, waar ze (in 1904) haar eerste opleiding in de beeldhouwkunst genoot.
In 1907 behaalde zij de Villa-Romanaprijs, waaraan een jaarverblijf verbonden was in de gelijknamige villa te Florence.
In april 1915 begon zij aan de uitwerking van de eerste plannen voor een gedenksteen voor het graf van haar zoon Peter die tijdens de Eerste Wereldoorlog gesneuveld was, op 24 oktober 1914, bij een aanval op Diksmuide in Vlaanderen.
Op 23 juli 1931 werd 'Het treurende ouderpaar' geplaatst op Het Roggeveld tussen Zarren en Esen, nabij Diksmuide.
In 1956 werd Peter, samen met 1.538 kameraden, naar het Praetbos in Vladslo overgebracht. Tezelfdertijd verhuisde tevens het beeldhouwwerk om daar, zoals voorheen te Esen, bij zijn graf te worden opgesteld. Käthe geeft hierin gestalte aan het grenzeloze verdriet dat de oorlog haar berokkende. Een dubbelbeeld van uitzonderlijk hoog kunstgehalte, eenvoudig van conceptie en daardoor zeer aangrijpend. De vader, Peters eigen vader, neerblikkend op de duizenden graven, waaronder dat van zijn zoon, in het onmiddellijk bereik van zijn ogen. De moeder, Käthe Kollwitz zelf, voorovergebogen, één en al verdriet en liefde. Een nobele kunstenares, die in dit werk niet alleen de moeder van Peter wilde zijn, doch van allen die met hem aan het IJzerfront de dood vonden.
Andere bekende werken van Käthe Kollwitz zijn:
- De opstand der wevers (1895-1898). Dit werk bestaat uit 6 grote etsen.
- De boerenoorlog (1902-1908).
- De carmagnole (1901).
- Het wachten (1914). Litho.
- Oorlog (1920-1924).
- Proletariaat (1925).
Na 1930 werd haar werk in Duitsland verboden als entartete Künst. Externe links