levensloop
Kepler werd geboren in Weil der Stadt in het zuidwesten van Duitsland. Hij woonde 2 jaar bij zijn grootouders en op zijn vijfde verhuisde hij met zijn ouders, die hij maar immoreel en ruw vond, naar Leonberg. In 1584 werd hij student op het protestantse seminarie in Adelberg. Vijf jaar later later ging hij theologie studeren aan de protestantse universiteit van Tübingen.
Hij volgde colleges wiskunde bij Michael Maestlin die een van de eerste aanhangers van Copernicus' heliocentrische wereldbeeld was. In 1594 werd Kepler hoogleraar wiskunde en bleef dat tot 1600. In dat jaar moesten alle protestanten als gevolg van de contrareformatie zich bekeren tot het katholicisme of het land verlaten. Kepler vertrok naar Praag waar hij assistent werd van Tycho Brahe, die daar de keizerlijk wiskundige was.
Na de dood van Brahe werd hij benoemd als zijn opvolger en hij publiceerde een aantal belangrije werken: in 1604 Astronomia pars Optica, over atmosferische lichtbreking, lenzen en de werking van het oog; in 1606 De Stella Nova over de nieuwe ster (supernova) die in 1604 een paar maanden aan de hemel had gestaan en in 1609 verscheen Astronomia Nova waarin de zijn eerste twee wetten werden beschreven. In 1610 maakte hij voor het eerst gebruik van een telescoop en publiceerde zijn observaties van de manen van Jupiter in Narratio de Observatis Quatuor Jovis Satellitibus. Dit boek, dat ook in Florence verscheen, betekende een enorme steun voor Galileo.
Kepler verhuisde naar Linz in 1612 en schreef daar boeken over de geboortedatum van Christus en toonde aan dat de Christelijke kalender er 5 jaar naast zat en dat Jezus eigenlijk 4 voor Christus geboren was. Tussen 1617 en 1621 verscheen zijn werk Epitome Astronomiae Copernicanae, wat een zeer belangrijke bijdrage was voor de heliocentrische astronomie. In Harmonice Mundi berekende hij de afstanden van de planeten en beschreef hij hun omwentelingsnelheid. In dit boek staat zijn derde wet beschreven.
In 1616 werd zijn moeder tijdens een heksenjacht beschuldigd heks te zijn. Zij zat tot 1620 gevangen in afwachting van haar berechting, maar werd dank zij de verdediging van haar zoon vrijgesproken. Tijdes de dertigjarige oorlog werd hij als protestant verbannen. Zonder inkomsten keerde hij terug naar Praag en stierf berooid in 1630 in Regensburg.
werken
- 1596: Mysterium cosmographicum: Hypotheses over de bouw van de kosmos, Kepler verdedigt de theorieën van Copernicus
- 1609: Astronomia nova: Eerste en tweede wet van Kepler
- 1619: Harmonices Mundi: Derde wet van Kepler
- 1627: Rudolfijnse tafels: tabellen voor gebruik in astronomische waarnemingen
zie ook