Insect is de Nederlandse naam voor een lid van de klasse der 'insecten', volgens het natuurlijke stelsel ingedeeld bij de stam van de Arthropoda of geleedpotigen. Insecten leven op het land en in zoet water en vormen de soortenrijkste klasse van het dierenrijk. Ongeveer 70% van de ruim 1 miljoen beschreven diersoorten behoort tot de insecten. Sommige insecten spelen een directe rol in het leven van de mens, zoals bij het overbrengen van ziektes, het verzamelen van honing, of door het opeten van de oogst. De wetenschap die zich met de bestudering van insecten bezighoudt is de entomologie.
Algemene kenmerken
Heel in het kort: een insect heeft zes poten, twee antennen; nul, twee of vier vleugels, en een in drieën verdeeld lijf.
- Samengestelde ogen (facetogen) aan de zijkant van de kop
- (Meestal) drie enkelvoudige ogen(ocelli) op het voorhoofd
- 1 Paar (gelede) antennenn vaak met reukzintuigen daarop
- Indeling: kop, thorax (borststuk) in 3 segmenten, abdomen (achterlijf)
- Aan elk thoraxsegment 1 paar gelede poten, 6 in totaal
- Aan elke poot een gelede voet (tarsus); het laatste (2e-5e) voetsegment is vaak een dubbel klauwtje met soms een hechtvlakje
- Kaken: mandibulae en maxillae met mandibulaire en maxillaire palpen of kaaktasters
- Bij veel insecten aan het 2e en 3e thoraxsegment elk 1 paar vleugels; bij de vliegen maar 2 vleugels aan het 2e segment;
- Kleurloos bloed, geen aders, wel een hart
- Ademhaling dmv. een tracheeënstelsel (luchtbuisjes)
- Vaak in staat vorm en kleur te onderscheiden
- Soms een uitstekend gehoor, bijvoorbeeld bij krekels en sprinkhanen
- Voortplanting meestal door bevruchte, zich buiten het moederlichaam ontwikkelende eieren
- Hele of gedeeltelijke gedaanteverwisseling bij ontwikkeling van nimf (larve) naar imago (volwassen insect)
- Organen: hersenen, bijoog, darmkanaal, uitscheidingsorganen (buizen van Malphigi), eierstok, buisvormig hart, buikzenuw(streng).
Overzicht van de insectenorden
Onder de klasse der insecten vallen de volgende onderklassen en orden: - Apterygota (primair ongevleugelden)
- Thysanura - Franjestaarten
- Diplura
- Protura - Oerinsecten
- Collembola - Springstaarten
- Pterygota (gevleugelde insecten)
- A. Exopterygota (Hemimetabola) (= met onvolledige gedaanteverwisseling)
- B. Endopterygota (Holometabola) (met volledige gedaanteverwisseling)
Verwante onderwerpen
plaaginsecten -- insecticide -- zijde -- honing -- bijenwas -- biologische bestrijding -- bestuiving -- insectensteek -- puparium
Literatuur
Gullan PJ, Cranston PS. The Insects, an outline of entomology. 470 pp. Oxford, Blackwell science, 2nd ed (2000) ISBN 0-632-05343-7 (Een uitstekend boek dat vooral op de anatomie en fysiologie van insecten ingaat.)
Borror DJ, Triplehorn CA, Johnson NF. An introduction to the study of insects. 875 pp. London, Thomson Learning, 6th ed. 1989 ISBN 0-03-025397-7 (Een uitstekend boek dat veel aandacht besteedt aan classificatie - helaas alleen van Noord-Amerikaanse soorten)
Michael Chinery: Nieuwe insektengids. 320 pp. 4e druk. Baarn: Tirion. ISBN 90-5210-101-9 (Veldgids waarmee veel insecten in het Nederlandse taalgebied kunnen worden nagezocht.)
Externe links