Gymnasium in Nederland
Voor de invoering van de Mammoetwet in 1968 konden op het gymnasium twee richtingen gevolgd worden, alpha en beta. De Alpha opleiding legde de nadruk op de klassieke en moderne talen. Bij de beta-opleiding lag de nadruk op de exacte vakken. Bij beide opleidingen moest er echter een eindexamen in Latijn en Grieks worden afgelegd en in de onderbouw was er 6 uur Latijn en 7 uur Grieks per week.
Na de invoering van de Mammoetwet werden de exameneisen aan het gymnasium gelijk gesteld aan die van de VWO scholen. Veelal wordt het echter wel gestimuleerd één extra schoolvak te kiezen.
Tegenwoordig zijn gymnasium en atheneum meestal samengevoegd tot een VWO-school, maar sommige scholen hebben een aparte afdeling. In de meeste grote steden van Nederland bestaan er echter nog steeds zelfstandige gymnasia.