Tagoror  

Encyclopedie




Grammofoonplaat

Grammofoonplaat
Een grammofoonplaat is een platte ronde schijf waarbij aan een of beide kanten een spiraalvormige groef is ingesneden die van de rand naar dichtbij het midden loopt en waarin geluidsinformatie is opgenomen in de vorm van kleine zijdelingse afwijkingen. Deze uitslagen naar links en rechts kunnen met een naald op de ronddraaiende plaat worden afgetast. De uitslagen van de naald worden overgebracht op een gevoelige bewegingsdetector of element waar de mechanische uitslag wordt omgezet in een elektrisch signaal. Dit signaal kan worden versterkt en dan als geluid of muziek worden gehoord. De naald is van hard materiaal, meestal diamant. Grammofoonplaten worden afgespeeld op een platenspeler, ook wel grammofoon of pick-up genoemd. Een draaitafel is een platenspeler zonder ingebouwde versterker.

Het centrale deel van de grammofoonplaat bevat het label, waarop de inhoudsopgave wordt aangegeven.

Voor de uitvinding van de Compact Disc was de grammofoonplaat het populairste geluidsmedium. Tegenwoordig worden ze niet veel meer gemaakt.

Table of contents
1 Varianten
2 Technische aspecten
3 Slijtage en geluidsvervorming

Varianten

De grammofoonplaat werd voor verschillende draaisnelheden gemaakt. De oudste grammofoonplaten waren 25 cm diameter, gemaakt van bakeliet, en werden afgespeeld op 78 toeren per minuut. Door gebruik van betere materialen kon de snelheid worden verlaagd: de 30 cm grote langspeelplaat, geïntroduceerd in 1948, werd gemaakt van vinyl en draaide op 33 1/3 toeren per minuut. Door de lagere snelheid kon er op een langspeelplaat veel meer muziek worden geplaatst. Daarnaast kwamer er ook Singles, kleine grammofoonplaten van 17.5 cm diameter waarop slechts een enkel liedje werd opgenomen. Deze werden met afgespeeld op 45 toeren per minuut.

Er bestaan varianten, zoals de maxisingle: deze heeft het formaat van een langspeelplaat maar wordt afgespeeld op 45 toeren per minuut.

Een vernieuwing die tijdens de ontwikkeling van de grammofoonplaat werd doorgevoerd was de stereo weergave. De groef waarin de naald loopt, was aan beide kanten iets verschillend, overeenkomend met het linker en rechter signaal. Ook is kort een vier-kanaals stereo versie, quadrofonie genoemd, op de markt gebracht. Deze laatste bleek geen succes omdat de verbetering van het geluid slechts zeer beperkt was, en de apparatuur zeer duur.

Een grammofoonplaat is aan beide kanten afspeelbaar. Als de plaat is afgelopen, kan deze worden omgedraaid en de achterzijde worden gespeeld.

Technische aspecten

De draaisnelheid van een grammofoonplaat is constant. Daardoor neemt de snelheid van de naald in de groef van buiten naar binnen toe af. Hierdoor kunnen hoge tonen aan het eind van een muziekstuk minder goed worden weergegeven dan aan het begin; onder operaliefhebbers is bekend dat de hoge gezongen muzieknoot aan het eind van veel opera's niet fantastisch wordt gereproduceerd. Omdat de energie van een geluidsgolf evenredig is met het kwadraat van de frequentie is de amplitude bij hoge tonen bij gelijk vermogen lager dan van lage tonen. Daarom worden de hoge tonen versterkt op een grammofoonplaat gezet zonder dat dit tot overmatige groefbeweging leidt. De versterker verzwakt de hoge tonen weer in de zelfde mate. Dit heeft tot gevolg dat met het afzwakken van de hoge tonen ook de ruis van het plaatmateriaal wordt onderdrukt. Deze techniek werd al op de oude 78 toeren platen toegepast maar er was geen standaard voor het filter. Verschillende maatschappijen gebruikten verschillende filterkarakteristieken. Met het ontwerp van de vinylplaat is ook het filter gestandaardiseerd. De specificaties van het filter werden origineel ontworpen door de RIAA, en het filter wordt vaak aangeduid met de naam RIAA filter.

Slijtage en geluidsvervorming

Hoewel er onder optimale omstandigheden een zeer goede geluidsweergave mogelijk is, is de aanvankelijk van was, later van schellak en weer later van vinyl gemaakte plaat als opslagmedium erg kwetsbaar en zeer gevoelig voor krassen en stof, die leiden tot tikken en ruis bij het afspelen. Het afspelen zelf werkt door een mechanisch contact van de naald met de plaat, en zorgt voor slijtage die de geluidskwaliteit doet afnemen; vooral wanneer naalden van slechte kwaliteit gebruikt worden. Men spreekt voor een veel gespeelde grammofoonplaat over grijsgedraaid omdat een versleten plaat daadwerkelijk een grijzige indruk kan maken. Ook de voor het afspelen gebruikte draaitafel het pick-up element en de naald hadden grote invloed op de kwaliteit van het geluidssignaal. De motor kon aanleiding geven tot wow en flutter. Ook het op de plaat zetten van de naald kon deze beschadigen. De oude schellakgrammofoonplaten waren tevens erg breekbaar.




Tagoror Networks: Spain  |  Philippines  |  Mexico

Los documentos de esta enciclopedia on line se publican bajo la Licencia de Documentación Libre GNU

De tekst is beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen, er kunnen aanvullende voorwaarden van toepassing zijn.