Modern Rotterdam
In Rotterdam-Noord werd naast kolossale kantoorpanden en zakencentra (hoogbouw) ook veel nieuwe , experimentele woningbouw gerealiseerd. De bekende 'kubuswoningen', het 'Potlood' en de nieuwe stadsbibliotheek, dat gelijkenis vertoont met het Parijse Centre Pompidou, zijn daar voorbeelden van. Een van de aktieve beleidspunten was het realiseren van een meer grootsteedse skyline, wat Rotterdam sinds de jaren '90 een ander aanzien geeft.
Het laatste grote bouwproject (uitgevoerd vanaf 1994) is dat van de Kop van Zuid, een uitgewerkt ontwerp van Teun Koolhaas uit 1987. Het betreft een ambitieus woon- en werkgebied op de zuidoever, dat mede door de bouw van de Erasmusbrug (1993-1996) het noorden en zuiden van de stad meer tot een geheel moet maken. Begin 2002 was ongeveer de helft van dit projekt gerealiseerd.
Andere delen van de zuidoever waren al eerder onder handen genomen. Zo werd het geheel minder rommelig door de aanleg van de spoortunnel in 1993, en werden veel oude en vervallen woningen rond en achter de Rozenstraat gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Daarbij sprong de zogenaamde Peperklip het meest in het oog, een object van woningen in de vorm van een paperclip, maar de naam verwijst tevens naar de toenmalige burgemeester van Rotterdam, Bram Peper. De uit architectonisch oogpunt interessante Van Nellefabriek in diezelfde buurt kwam onder de hoede van Monumentenzorg.
Ontwikkelingen tijdens de jaren 2000 en 2001 bezorgden vooral het havenbestuur enige zorgenrimpels, doordat de containeroverslagoverslag licht, dat wil zeggen ruim 1%, daalde. Dat stak vreemd af tegen de stijging overal elders in Europa en Azië van wel 10%. Bovendien steeg de bulkoverslag wél, zelfs tot recordhoogte. Een van de grootste reders, Maersk-Sealand Benelux, goed voor 5% (= 300.000 containers) van de containeroverslag, trok zich terug uit Rotterdam en vestigde zich in Bremerhaven. Redenen voor deze ontwikkelingen waren onder meer de monopoliepositie van het bedrijf ETC, wat 70% van de containeroverslag in handen heeft, een bijbehorend gevecht om haventerreinen en opslagcapaciteit, dure arbeidskrachten en relatief veel tijd en dus geld kostende douanecontrole.