De Franse Revolutie is de naam die wordt gegeven aan het deel van de Franse en Europese geschiedenis vanaf 1789. Het eindpunt wordt soms op 1799 gesteld, als Napoleon aan de macht komt, soms bij het Congres van Wenen in 1815. Gedurende de Franse Revolutie werd het Franse koningshuis afgezet, en de macht van de adel en de geestelijkheid weggenomen. In plaats daarvan werd Frankrijk een republiek waarin (zo was althans de bedoeling) de burgerlijkheid de macht overnam. De oorzaak lag in de tegenslagen waarmee Frankrijk te kampen had. Het Ancien Régime1 had zichzelf gedurende de 18e eeuw steeds verder uitgehold en implodeerde uiteindelijk tijdens verwoede pogingen alsnog hervormingen door te voeren. De ultieme trigger was het financiële bankroet van dit Ancien Régime vanaf 1787, maar het conflict smeulde al veel langer door de socio-economische verhoudingen. Bekwame staatslieden als Necker en Calonne waren machteloos.
Het resultaat van de Franse Revolutie was een grondwet en een grootscheeps veranderd staatsbestel. De absolute monarchie was afgeschaft.
De revolutionairen hielden er tijdens de revolutie een sterk vervormd wereldbeeld op na. De adel was volgens hen de schuld van alle misstanden. Zij had privileges die ze op een onrechtmatige manier had verkregen. Dit beeld klopte allerminst. In de Franse samenleving bestond er een woud van privileges. Elke bevolkingsgroep, zowel geografisch als economisch, had zijn eigen privileges. Dit woud van privileges was een van de redenen die ervoor zorgden dat hervormingen niet doorgevoerd konden worden in het absolutistische Frankrijk.
Tijdens de Franse Revolutie werd een speciale kalender gebruikt, de Franse Republikeinse Kalender. De laatste periode van de Franse Revolutie was het Directoire. Hierna werd de macht over Frankrijk overgenomen door Napoleon.
De revolutie wordt in Frankrijk nog steeds ieder jaar herdacht op de nationale feestdag 14 juli, ('quatorze juillet'), de dag waarop de Bastille-gevangenis door het volk werd bestormd en de daarin opgesloten gevangenen bevrijd.
1) het Ancien Régime kan als een Europees verschijnsel worden gezien maar is in deze context enkel gebruikt voor Frankrijk.
Uitgebreide geschiedenis: van jaar tot jaar
1789
Op 5 mei 1789 komen de Staten-Generaal voor het eerst sinds 1614 bijeen. Bedoeling is overeenstemming te bereiken over sociale en economische hervormingen die nodig zijn om Frankrijk te bevrijden van de enorme schuldenlast. Het debat verschuift echter naar de manier waarop de verschillende standen vertegenwoordigd moeten zijn. Besloten was de stemmingen per stand te houden, waardoor adel en geestelijkheid de hervormingen vanuit de derde stand konden blokkeren. De adel en de geestelijkheid werden gesteund door koning Lodewijk XVI. Zeshonderd van de twaalfhonderd afgevaardigden waren toegewezen aan de derde stand. Als zij per hoofd mochten stemmen kon de derde stand met behulp van de lage geestelijkheid de hervormingen wél doorvoeren. Dat was precies wat de derde stand eiste. Toen de koning niet op hun eisen in wilde gaan riepen ze zichzelf uit tot Nationale Grondwetgevende Vergadering. Op 20 juni beloofden de leden van de Nationale Vergadering dat ze niet uit elkaar zouden gaan totdat Frankrijk een grondwet had. Enerzijds beval de Koning dat de adel en de geestelijkheid zich moesten aansluiten bij de Nationale Vergadering. Anderzijds probeerde de koning de Nationale Vergadering uiteen te jagen. Toen men daar in Parijs lucht van kreeg bestormde de bevolking op 14 juli de Bastille, die steen voor steen werd afgebroken. Hierna kwam alles in een stroomversnelling. Op 4 augustus werden de heerlijke rechten afgeschaft die adel tot dan toe genoot. Op 26 augustus nam de Nationale Vergadering de Verklaring van de rechten van de mens en de burger aan, de grondrechten van de bevolking. Op 6 oktober werd de Koninklijke Familie gedwongen van Versailles naar Parijs te verhuizen. In november worden de uitgebreide kerkelijke goederen onteigend.
1790
In Januari worden de eerste lokale verkiezingen gehouden in de 83 nieuwe departementen. Op 12 juli besluit de Nationale Vergadering de macht van de kerk in te perken en waardepapieren voor de onteigende kerkelijke goederen te laten drukken: ze moeten als geld dienen om de schuldenlast af te lossen en worden assignaten genoemd. Het land heeft te lijden onder voedseltekorten. Op het platteland is men bevreesd voor de wraak van de adel en de geestelijkheid.
1791
Op 25 juni wordt koning Lodewijk XVI met zijn gezin aangehouden nabij de Frans-Duitse grens. Hij probeerde, vermomd als kamerheer, naar Duitsland te vluchten. Hij zou zich daar bij geëmigreerde adel voegen, maar werd onderweg herkend. Hij werd teruggebracht naar Parijs. Op 3 september wordt de beloofde grondwet eindelijk aangenomen. De Koning legt de eed op de grondwet af op 14 september. Frankrijk is nu een constitutionele monarchie. Op 1 oktober heft de Nationale Vergadering zich op en wordt de macht overgedragen aan de Wetgevende Vergadering, die volgens de nieuwe grondwet de wetgevende macht zal uitoefenen. Nieuwe partijen worden gevormd: Feuillanten (conservatieve constitutioneel monarchisten), Girondijnen (liberale republikeinen) en Jakobijnen (radicale revolutionairen).
1792
Op 20 april verklaart Frankrijk de oorlog aan Oostenrijk en later aan Pruisen. Vanwege de aanhoudende instabiliteit sinds 1789 is het leger sterk verzwakt en niet opgewassen tegen de vijand. De motieven voor een oorlog zijn verschillend. De koning heeft een dubbel motief. Als Frankrijk wint kan hij als opperbevelhebber aan populariteit winnen. Verliest Frankrijk dan kunnen de reactionaire Oostenrijkers hem in zijn absolute macht herstellen. De Girondijnen willen de Revolutie exporteren naar de rest van Europa. De Jakobijnen zijn tegen oorlog. Hoewel de oorlog slecht verloopt, loopt het scenario niet zoals de koning het wilt. De Girondijnen vergaren steeds meer steun onder het gepeupel en weten het volk aan te zetten tot de bestorming van de Tuileriën (het paleis) op 10 augustus. De Girondijnen krijgen een meerderheid in de Wetgevende Vergadering, die op 22 september verklaart dat Frankrijk voortaan een republiek is. De republikeinse kalender werd ingevoerd. Het nieuwe parlement dat wordt gevormd, wordt de Nationale Conventie genoemd. De oorlog keert zich in de herfst ten voordele van de Fransen.
1793
Op 21 januari wordt Lodewijk XVI geguillotineerd. De Conventie besloot hem te executeren met 361 stemmen voor en 360 tegen. In de Franse streek Vendée breekt in mei een royalistische contrarevolutie uit en de assignaten zorgen voor inflatie. Dit alles ondermijnt de positie van de Girondijnen. Op 2 juni grijpen Jakobijnen met behulp van het gepeupel de macht. Een belangrijke voorman van de Jakobijnen is Maximilien Robespierre, die de Conventie in een ijzeren greep houdt. Er worden maatregelen genomen om de inflatie tegen te gaan. De Jakobijnen starten een golf van terreur, waarin royalisten maar ook gematigde revolutionairen (met name Girondijnen) het moeten ontgelden. De guillotine draait topuren. Het Jakobijnse bewind zou de geschiedenis ingaan als het Schrikbewind.
1794
In het voorjaar van 1794 stuurt Robespierre gematigde en uiterst radicale Jakobijnen naar de guillotine. Hij maakt veel vijanden, ook binnen zijn eigen club. Op 27 juli wordt Robespierre volkomen onverwacht afgezet en naar de guillotine gezonden. Hiermee komt het Schrikbewind ten einde. De Girondijnen krijgen de macht terug in handen en bereiden een nieuwe grondwet voor. Ondertussen worden de Oostenrijkse Nederlanden (het huidige België) definitief door Frankrijk bezet. De inflatiemaatregelen worden afgeschaft.
1795
In het voorjaar van 1795 komt het gepeupel, dat de Jakobijnen steunt, in opstand. De opstand wordt snel onderdrukt. Voedseltekorten en inflatie waren de oorzaken van de opstand. De Nederlandse Zeven Provincieën komen onder Franse controle als de Bataafse Republiek. Op 22 augustus komt de grondwet gereed. Frankrijk krijgt een nieuw bestuur: het Directoire. De uitvoerende macht komt bij vijf directeuren te liggen waarvan er jaarlijks één moet worden vervangen. De wetgevende macht komt te liggen bij een tweekamerparlement. Verkiezingen worden gehouden volgens cijnskiesrecht: om te mogen stemmen moet je een bepaalde hoeveelheid belasting betalen. Ook de royalisten komen in opstand. De man die de opstand onderdrukt is een jonge, energieke generaal: Napoleon Bonaparte.
1796
Napoleon gaat in opdracht van het Directoire op veldtocht naar Italië waar hij de onafhankelijke stadstaatjes tot Franse zusterrepublieken maakt. Napoleon behoedt het Directoire tegen opstand. Het Directoire blijkt echter een corrupt systeem te zijn dat weinig doet om de financiële problemen het hoofd te bieden.
1797
Na de verkiezingen blijkt dat de positie van de royalisten versterkt is. Op 5 september voert het leger een zuivering uit in het parlement, waarin de royalisten naar huis worden gestuurd.
1798
Napoleon gaat op veldtocht naar Egypte om controle te verwerven over de Rode Zee en zo een perspectief te creëren om Brits Indïe (India) op termijn te veroveren. De veldtocht faalt omdat Napoleons bevoorradingsvloot door de Britse admiraal Nelson wordt verslagen.
1799
Napoleon laat zich, ondanks zijn nederlaag in Egypte, binnenhalen als een overwinnaar. Zijn populariteit stijgt. Op 9 november (18 Brumaire) pleegt hij een staatsgreep en roept zichzelf uit tot Eerste Consul (in een triumviraat met Emmanuel Joseph Sieyès en Pierre-Roger Ducos, die niets te zeggen hebben). Hij wordt feitelijk de dictator van Frankrijk. De periode van het Consulaat wordt een relatief stabiele periode, die vooral gekenmerkt wordt op de zich bestendiging van de heerschappij van Frankrijk over Europa. Sommigen beschouwen dit als het einde van de Revolutie, maar algemeen wordt aangenomen dat die eindigt met het herstel van het Ancien Régime in 1815. tot 1804
Napoleon consolideert zijn macht door het invoeren van een autoritair staatsbestel dat werkt met prefecten, en beïndigt daarmee de labiele situatie die door interne twisten werden veroorzaakt. Vanaf 1800 werd er door een commissie aan de Code Civil gewerkt, die het begin van de moderne rechtspraak zou betekenen. Deze werd ingevoerd in 1804.
Met deze relatieve interne rust richtte Napoleon zich volledig op het buitenland. In 1800 stak hij de Grote Sint-Bernard Pas over en versloeg de Oostenrijkers bij Marengo, zodat hij Noord-Italië heroverde. In 1801 tekenden de Oostenrijkers na hun verpletterende nederlaag bij Hohenlinden de Vrede van Lunéville op 9 februari, en werd de Rijn als grens van Frankrijk erkend.
Ook de religieuze twist werd opgeklaard. Napoleon sloot een concordaat met paus Pius VII op 15 juli 1801.
Deze pacificatie en consolidatie van zijn macht werd op 2 augustus 1802 bevestigt door een plebisciet, waarbij Napoleon tot consul voor het leven werd benoemd, mét erfopvolging. De dictatuur was nu compleet.
vanaf 1804
De benoeming tot keizer van Napoleon op 18 mei 1804 door de Senaat was nu nog maar een kleine stap. Hij werd tot keizer gekroond op 2 december 1804.
Engeland nam echter de wapens op, en smeedde een monsterverbond van Groot-Brittannië zelf, Rusland, Zweden en Oostenrijk. Admiraal Nelson vernietigde de Franse vloot bij de zeeslag bij Trafalgar in 1805, waarop Napoleon enkel kon reageren door Groot-Brittannië economisch onschadelijk te maken door een boycot, het zogenaamde Continentaal Stelsel. Daartoe stichtte hij een hele hoop satellietstaten met familie van hem als vorsten, bv. Holland met zijn broer Lodewijk. Uit protest tegen de onstane Rijnbond die ook een gevolg was van dit stelsel, sloot Pruisen zich aan bij het monsterverbond tegen Frankrijk.
Napoleon stond niet stil, en versloeg op 2 december 1805 Oostenrijk en Rusland bij de Slag van Austerlitz en de hierop volgende Vrede van Tilsit betekende het hoogtepunt van Napoleons macht.
Oostenrijk nam in 1809 revanche in Aspern. Dit betekende een aantasting van het aura van onoverwinnelijkheid van Frankrijk. Rusland hield zich niet meer aan de bepalingen van het Continentaal Stelsel en Napoleon organiseerde een strafexpeditie in 1812 met 600.000 man, tegenover 200.000 Russische soldaten. Door het strenge Russische klimaat en acties van partizanen gehalveerd, trok dit Grande Armée Moskou binnen, dat volgens de taktiek van de verschroeide aarde in brand was gestoken. Teneergeslagen en zonder overwinning te hebben kunnen afdwingen verlaat Napoleon Moskou en komt met slechts 20.000 man terug.
Het hek was nu helemaal van de dam. Zweden, Pruisen en Rusland vormden een verbond. De Fransen versloegen dit verbond wel bij Lützen en Bautzen in mei 1813, maar Beieren en Oostenrijk keerden zich nu ook definitief tegen Frankrijk. Napoleon werd verslagen bij Leipzig, terwijl de hertog van Wellington de Fransen in het zuiden aanviel. Napoleon weigerde de vrede, en heel Europa keerde zich tegen hem.
Parijs werd bezet op 31 maart 1814 en de Senaat verklaarde hem vervallen van de troon op 5 april. Napoleon werd verbannen naar Elba. De mogendheden begonnen nu te beslissen over de naoorlogse toekomst van Europa bij het Congres van Wenen.
Maar Napoleon ontsnapte van Elba en landde in Cannes op 1 maart 1815, verzamelde een leger en trok naar Parijs, waar hij feestelijk onthaald werd op 20 maart. Uiteindelijk werd Napoleon definitief verslagen bij Waterloo op 28 juni 1815, en werd in Frankrijk de monarchie hersteld. Op deze datum loopt dan ook de Franse Revolutie af.
Zie ook
Een overzicht van pagina's over de Franse Revolutie en de Napoleontische tijd vindt u in Franse Revolutie van A tot Z. zh-cn:法国大革命