Filips II (geboren 21 mei 1527 te Valladolid, overleden 13 september 1598 te Madrid(??)) was als koning van het Spaanse rijk de vorst van de Nederlanden in de laatste jaren voor en de eerste decennia van de Tachtigjarige Oorlog.
Filips II was de enige zoon van Keizer Karel V en Isabella van Portugal. Hij verkreeg de troon nadat zijn vader was afgetreden. Behalve uit Spanje bestond het Spaanse Rijk toen ook uit delen van Frankrijk en Italië en overzeese kolonieën. Na de dood van Karel V twee jaar later splitsten de Habsburgse gebieden zich van het Spaanse Rijk af, maar Filips II vond dit niet erg. De overzeese kolonieën waren veel lucratiever en de Habsburgers hadden Spanje al meerdere malen in een oorlog betrokken. Bovendien waren de afgesplitste gebieden te onstabiel om een gevaar te zijn. Omdat rond die tijd ook Frankrijk geen sterke mogendheid was, had Spanje op het continent geen concurrentie.
Filips II trouwde in 1543 met prinses Mary van Portugal. Zij kregen in 1545 een zoon, Don Carlos van Spanje. In 1546 overleed Mary. Filips II probeerde zijn macht verder uit te breiden door de (katholieke) konining Mary I van Engeland te trouwen. Dit huwelijk werd in 1554 gesloten. Koninging Mary I stierf kinderloos in 1558, enkele jaren nadat Filips II koning van Spanje was geworden. Filips II probeerde hierop de (protestantse) konining Elizabeth I van Engeland te trouwen, de jongere zus van Mary I. Om een aantal redenen ging dit niet door. Filips II geloofde dat het huwelijk niet doorging doordat zijn zoon Don Carlos tegen hem had samengespannen en liet zijn zoon gevangenzetten. Toen Don Carlos kort daarna overleed, beschuldigden Filips' vijanden hem van het vermoorden van zijn eigen zoon.
In 1559 sloot Spanje na 60 jaar oorlog vrede met Frankrijk. Als onderdeel van het vredesverdrag huwde Filips II met de dochter van de Franse koning Henri II, prinses Elisabeth. Ironisch genoeg was prinses Elisabeth eerder beloofd aan Don Carlos, de zoon van Filips. Elisabeth kreeg twee dochters, maar geen zonen. Pas zijn vierde vrouw Anna, dochter van Maximilian II kreeg een zoon die Filips uiteindelijk kon opvolgen (Filips III).
Filips II zag zichzelf als de leider van de contra-reformatie, een beweging binnen de Katholieke kerk als reactie op het groeiend protestantisme binnen Europa. Door zijn toewijding voor de Katholieke kerk en de groeiende rijkdom uit de kolonieën, maakte Filips II steeds agressiever en gericht op expansionisme. Voor Filips II bestond er geen verschil tussen de belangen van de Katholieke kerk en die van Spanje. Doordat Spanje het beste leger in Europa en had en een stabiele, machtige regering, breidde de macht van Spanje zich in zijn beginjaren steeds verder uit.
Na een oproep van de Paus wierp Filips II zich op als verdediger van het christelijke Europe tegen de Turken, die steeds verder oprukten. In 1566 kwamen Venetië en Cyprus in handen van de Turken. Filips' leger slaagde ering de Turken te verslaan in de Slag bij Lepanto in 1571. Hij bevond zich in die tijd op het hoogtepunt van zijn macht.
Nadat de Beeldenstorm in 1566 in de Nederlanden had gewoed, stuurde Filips II de hertog van Alva om orde op zaken te stellen. Tegen het keiharde optreden van Alva brak al snel een groot protest uit, wat resulteerde in het begin van de Tachtigjarige Oorlog in 1568. De strijd in de Nederlanden, de toenemende spanningen tussen Engeland en Spanje en de continue dreiging van invasies van de Moslims waren een forse aanslag op de staatskas. De komende tientallen jaren zou Spanje enkele malen bankroet worden verklaard.
Rond 1580 erfde Spanje Portugal doordat de koninklijke familie van Portugal uitstierf. Filips's moeder was een Portugese prinses en Filips benoemde zichzelf tot koning van Portugal. Dit werd in eerste instantie niet geaccepteerd door de Portugese bevolking, waardoor een invasie en bezetting nodig was. Portugal zou 60 jaar deel uitmaken van het Spaanse Rijk.
De bezetting van Portugal leverde nieuwe kolonieën en rijkdommen op, maar door de invasie van Portugal had Filips II zijn greep op de opstand in de Nederlanden even moeten verminderen. De opstandelingen maakten hiervan handig gebruik en in 1581 verklaarden de Noordelijke Nederlanden zich onafhankelijk van Spanje. De oorlog en de financiële problemen begonnen inmiddels hun tol te eisen: het Spaanse leger was over haar hoogtepunt heen. Behalve de militaire problemen speelden hierbij ook de politieke en economische inrichting van Spanje een rol. Spanje kende geen centrale regering, maar alleen regionale regeringen die de instructies van de koning uitvoerden. Hierdoor had Filips II de absolute macht in zijn rijk. Filips II had echter de neiging om zich vooral met details bezig te houden in plaats van de grote lijnen. Hierdoor verliep het dagelijks bestuur niet efficient. Door het economisch beleid (vooral de verwaarlozing van de landbouw waardoor Spanje afhankelijk werd van import, de hyperinflatie als gevolg van de import van rijkdommen uit de kolonieën, het uitzetten van Joden en Moren, waardoor Spanje geschoolde vaklui en handelsmensen verloor en de vrijstelling van adel en de kerk van belastingen) werd de situatie voor Spanje steeds slechter.
De executie van de katholieke koningin Mary I van Schotland in opdracht van koningin Elisabeth I van Engeland en de steun van de Engelsen voor de opstandelingen in de Nederlanden, was voor Filips II de reden een invasie te wagen. Met een enorme vloot, de Armada genoemd, vertrok zijn leger in 1588 naar Engeland. De Armada leed echter een vernietigende nederlaag en Filips II moest afzien van zijn plannen.
Tussen 1590 en 1598 raakte Spanje opnieuw in oorlog met Frankrijk, ditmaal om te voorkomen dat Frankrijk een protestant bolwerk zou worden. De oorlog met Frankrijk gaf de opstandelingen in de Nederlanden extra ruimte en de komende jaren zou de nieuwe republiek onder leiding van Prins Maurits en Johan van Oldenbarnevelt grote successen boeken.
Aan het einde van zijn leven, was het beleid van Filips II grotendeels mislukt. Hij had niet kunnen voorkomen dat de opstand in de Nederlanden voortduurde en zijn geplande invasie van Engeland was een fiasco geworden. Filips II stierf, helemaal bankroet, in 1598. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Filips III.