In Nederland is euthanasie dus niet strafbaar, mits de arts de euthanasie meldt en voldoet aan een aantal zorgvuldigheidseisen (artikel 293, tweede lid, Wetboek van Strafrecht). Deze zorgvuldigheidseisen zijn gespecificeerd in de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (artikel 2) en houden in dat de arts:
Euthanasieverzoek door de patiënt
De meeste verzoeken om euthanasie zijn afkomstig van mensen die ondraaglijk en uitzichtloos lijden en die een zelfgekozen dood als de enige uitweg beschouwen. Het lijden zal vrijwel altijd lichamelijk van aard zijn. In meer dan 80 procent gaat het om kankerpatiënten die in de laatste fase van hun ziekte om hulp vragen. Het verzoek om euthanasie mag niet onder druk of invloed van anderen worden gedaan of het gevolg zijn van een psychische stoornis. De patiënt moet volledig inzicht hebben in zijn ziekte, het vermoedelijk verloop ervan en de behandelingsmogelijkheden. Toekomstgerichte euthanasiewens
Ook zijn euthanasieverzoeken afkomstig van een groep mensen met een toekomstgerichte euthanasiewens. Voor het geval dat zij om een of andere reden in een situatie komen die zij nu als ondraaglijk en uitzichtloos bestempelen. Bijvoorbeeld verlamd en van hun spraak beroofd na een hersenbloeding. Omdat ze dan niet meer in de gelegenheid zijn daar bewust om te vragen, praten ze er alvast met hun huisarts over of zetten ze hun euthanasieverzoek op schrift. Zo’n schriftelijke wilsverklaring, ook wel euthanasieverklaring genoemd, wordt in de wet erkend als legitiem verzoek om euthanasie. Dat is met name van belang in die situaties waarin patiënten hun verzoek niet meer mondeling kenbaar kunnen maken. De huisarts moet, mocht de situatie zich voordoen, zich ervan op de hoogte stellen dat deze schriftelijke wens nog steeds geldt. Ook is hij, net als bij een mondeling verzoek, verplicht zich te houden aan de wettelijke zorgvuldigheidseisen.
Geen "recht" op euthanasie
In Nederland bestaat geen recht op euthanasie. De beslissing om aan een euthanasieverzoek te voldoen is aan de behandelend arts. Een arts heeft tegenover zijn patiënt twee verplichtingen: - zijn lijden te verlichten of weg te nemen;
- zijn leven te behouden.
De tweede verplichting staat tegenover de wens om euthanasie van de patiënt. Artsen mogen daarom weigeren een euthanasieverzoek in te willigen. Ook verpleegkundigen mogen weigeren mee te werken aan (de voorbereidingen van) euthanasie. Een arts of verpleegkundige kan door zijn weigering niet worden vervolgd. De wet wil juist waarborgen dat een arts niet in strijd met zijn eigen geweten hoeft te handelen. Wel zal een afwijzende arts de patiënt doorverwijzen naar een collega die het aan het verzoek mogelijk wel gehoor zal geven.
Bronnen