Ecologisch voedsel (nieuwe benaming voor wat voorheen biologisch voedsel genoemd werd) is de verzamelnaam voor alle voeding die geproduceerd word in de ecologische landbouw (voorheen biologische landbouw). Eigenschappen daarvan zijn dat er gewerkt wordt met productiemethoden die duurzaam zijn. Dit wil zeggen dat er geen gebruik wordt gemaakt van middelen die op den duur schadelijk zijn voor het milieu en het organisme dat bijdraagt aan de productie. Praktisch komt dat neer op het niet gebruiken van chemische bestrijdingsmiddelen, kunstmest en mest uit de intensieve veehouderij, het niet preventief toedienen van antibiotica en het niet toedienen van onnatuurlijke stimulansen zoals groeihormonen tijdens het productieproces. Ook zijn er tal van regels over de wijze waarop er met het welzijn van dieren omgegaan wordt. Er zijn voorschriften voor het aantal vierkante meters dat een dier tot zijn beschikking heeft, en het beperken van het 'op stal zetten'. Methodes die worden gebruikt in de ecologische akkerbouw en tuinbouw om het gebruik van bestrijdingsmiddelen te voorkomen zijn onder meer een betere rassenkeuze (minder ziektegevoelig), een breder bouwplan (niet hetzelfde product 2 jaar later weer telen, maar daar 5 of zelfs 7 jaar mee wachten) en als er toch ziekte optreedt, vervroegd oogsten. Onkruid wordt voor een groot deel met de hand of machinaal bestreden; ook heeft een ecologische boer hier vaak een wat hogere tolerantiegrens voor.
Veel ecologische boeren zijn ook in andere opzichten anders dan reguliere boeren met de landbouw bezig. Zo hebben ze vaker een gemengd bedrijf (zowel akkerbouw als veeteelt) en doet een relatief groot aantal aan natuurontwikkeling op het bedrijf. In ecologische produkten zal men over het algemeen minder schadelijke stoffen aantreffen, en is ecologische landbouw minder belastend voor het dier en milieu.
Er zijn verschillende keurmerken voor dergelijk voedsel: onder meer het Demeter keurmerk en EKO-keurmerk. Het EKO keurmerk wordt toegekend door Stichting Skal, welk zorg moet dragen voor de naleving van de principes die voorgeschreven zijn voor ecologische landbouw.
Ecologisch voedsel is circa 1996 met een opmars bezig. Dit heeft o.a. te maken met een toegenomen bestedingspatroon en een toenemende groep die ontevreden is over de huidige reguliere produktie methode. Daarnaast is er subsidie gekomen, waardoor de prijs reduceerde, maar zeker het introduceren van dit voedsel door grote supermarktketens heeft bijgedragen aan een collectief lagere prijs. De beperkte produktie, een minder grote subsidie dan op het reguliere voedsel en minder consumenten voor de ecologische methode houden de prijs hoger dan de reguliere methode. Op het ogenblik (2003) is ongeveer 2% van het voedsel ecologisch in Nederland.