De Burgerlijke Stand is in Nederland ingevoerd op 18 november 1811. Vanaf die datum werd iedere Nederlandse burger die nog geen vaste achternaam had, verplicht er een te kiezen. De rare achternamen die er nu nog zijn komen dan ook uit die tijd, als protest tegen deze verplichting.
In de Burgerlijke Stand wordt opgenomen wanneer iemand geboren, getrouwd, gescheiden en overleden is. Ook wordt sinds de invoering van het geregistreerd partnerschap dit bijgehouden.
In enkele gemeentes is het mogelijk om voor het huwelijk of het geregistreerd partnerschap zelf de ambtenaar van de Burgerlijke Stand te kiezen die het huwelijk gaat voltrekken.
"Dankzij" de volledigheid en vooral de hoeveelheid aan gegevens in de Burgerlijke Stand, waaronder de godsdienst vanuit geboorte, konden in Nederland tijdens WOII de Joden snel opgespoord worden. Denemarken heeft de registers van de Burgerlijke Stand voor de Duitse inval verbrand.
De Burgerlijke Stand is ook van belang voor mensen die aan stamboomonderzoek doen.