Het Alevitisme en Bektashisme
Naast Ali en zijn opvolgers, de twaalf imams, vervult nog een andere heilige een belangrijke plaats in het Alevitisme; Haci Bektas Veli. Haci Bektas Veli is een heilige die in de 13e eeuw leefde. Hij was een derwisj die al wandelend door Anatolië een specifieke - alevitische/bektashische - filosofie verkondigde. Hij won grote aantallen volgelingen onder de Anatolische bevolking. Zijn filosofie was een uitwerking van die van de Alevieten. Hij heeft het Alevitisme/Bektashisme ontwikkeld tot een moderne leefwijze. Haci Bektas is de grondlegger van de Bektashi-orde. De volgelingen van deze orde worden Bektashi's genoemd. Het verschil tussen de geloven en gewoonten van Alevieten en Bektashi's is door de eeuwen heen zo klein geworden, dat men tegenwoordig nauwelijks nog van een verschil kan spreken. De meeste mensen beschouwen het Alevitisme en het Bektashisme als een en dezelfde. De leerstellingen en filosofie van Haci Bektas zijn een belangrijk en een geVntegreerd geheel in de Alevitische denk- en leefwijze. Veel van zijn uitspraken hebben een belangrijke plaats gekregen in de opvattingen en het dagelijks leven van de Alevieten.
Een humanistische filosofie
Het Alevistisme is geen vastomlijnde leer. De Alevieten zijn niet zozeer gebonden aan allerlei regels en wetten. In Alevitisme staat de mens centraal. Het is een humanistisch filosofie. De belangrijkste regels waar Alevieten zich aan moeten houden, zijn dan ook van humanistische en eerbare aard. Een van de belangrijkste grondprincipes van de Alevitische levenswijze is: 'Elk mens accepteren zoals hij/zij is, zonder onderscheid te maken in sekte, kleur, afkomst, geloof enz.' Dit principe wordt elke Aleviet van kindsaf aan geleerd.
Een ander zeer belangrijk principe van de Alevieten luidt: 'Beheers je handen, tong en lendenen'. Dit betekent dat de mens zich van al het slechte moet onthouden, zoals: liegen, kwaadsprekerij, stelen en overspel. Om tot God te komen, om God te gedenken, is het noodzakelijk om ook de goddelijke essentie in de mens te erkennen. Daarom staat het geloof in de mens centraal in het Alevitisme. Dit geloof is alleen mogelijk wanneer het er in de samenleving menselijk aan toegaat, dat betekent: democratisch en humanistisch. De imam Ali en Haci Bektas Veli waren een belichaming van deze principes. Het principe 'ieder mens te accepteren en te respecteren zoals hij/zij is', geldt niet in de laatste plaats voor de geloofsbeleving van iemand.
De Alevieten hebben een groot respect voor ieders geloof en belijdenis, wat ook zijn of haar overtuiging moge zijn. Want, zoals Haci Bektas Veli heeft gezegd: 'De mens zelf is degene die uiting en richting geeft aan het geloof. De mens is verantwoordelijk voor zichzelf.' De mens moet zelf tot erkenning van God en de natuur komen en daarom kan niemand bijv. vanwege atheïsme veroordeeld en gestraft worden. Iedereen is vrij zijn geloof te beleven zoals hij/zij verkiest; er zijn geen verplichte gebeden en geen vaste regels. Niet God, maar de mens is de wetgever op aarde. Alleen met betrekking tot de religieuze vragen is de Aleviet ondergeschikt aan een geloofswaardige leraar, een dede. De mensheid is door God geschapen. Ieder mens is een schepping van god. Vrede en solidariteit, eenheid en broederschap onder de mensen staan bij de Alevieten dan ook hoog in de vaandel.
Het belang van kennis en ontwikkeling
De Alevieten beschouwen ontwikkeling en vooruitgang niet als iets slechts, maar juist als iets wat de mensheid ten goede kan komen. Dat wil zeggen, voor zover deze ontwikkelingen een bijdrage kunnen leveren aan vrede, rechtvaardigheid en een betere relatie tussen de mensen in de wereld. Haci Bektas Veli heeft eeuwen geleden al gezegd: 'De weg die niet leidt tot ontwikkeling van de mensheid (door de wetenschap) eindigt in het donker'. De Alevieten hechten dan ook veel waarde aan onderwijs. Haci Bektas Veli heeft in een aantal spreuken de nadruk gelegd op het belang vergaren van kennis voor iedereen, zowel voor mannen als vrouwen. Zo heeft hij bijv. gezegd: 'Een volk dat geen kansen geeft aan de ontwikkeling van vrouwen, is een volk dat niet bestaat'. Voor Alevieten is de ontwikkeling van vrouwen en mannen even belangrijk. Zij vormen immers samen de mensheid. Er moet geen onderscheid gemaakt worden; mannen en vrouwen zijn gelijkwaardig.
De religieuze bijeenkomsten: DE CEM
Alevieten ondernemen niet de reis naar Mekka en erkennen diegenen die dat wel gedaan hebben niet als speciaal 'heilig', zoals in andere takken van de islam. Het idee van gebeden in de islam is in het Alevitisme vervangen door een gebeurtenis, 'Cem' genoemd, waar de mannen, vrouwen en kinderen van de leefgemeenschap bij elkaar komen en over verschillende onderwerpen met de dede discussiëren, liedjes zingen en samen een speciale dans uitvoeren, de 'semah' genaamd.
Behalve een religieuze betekenis heeft de cem ook een sociale betekenis. Tijdens de cem worden onderlinge geschillen in de gemeenschap besproken en opgelost en wordt de eenheid en solidariteit in de gemeenschap bekrachtigd. De religieuze leider van de gemeenschap, de dede, die het best omschreven kan worden als een enkeling, die nog het meest lijkt op een dorpswijze, vervult tijdens de cem een belangrijke rol. Tijdens de cem wordt er onder andere over de Alevitische leer gesproken, worden er religieuze liederen, begeleid door een of meer saz gezongen, en wordt de semah (een religieuze, rituele dans, die verschillende vormen kent met elk een bijzondere betekenis) door mannen en vrouwen samen gedanst. Ook buiten het kader van de cem nemen de liederen, begeleid door de saz een belangrijke plaats in bij de Alevieten.
Externe links